Hoe werkt plassen normaal? 

Je blaas vangt urine op. De sluitspieren rondom de plasbuis zorgen ervoor dat je urine kunt ophouden. Zodra je blaas vol raakt, krijg je aandrang om te plassen. Op het moment dat je naar het toilet gaat, ontspannen de sluitspieren en trekt de blaasspier zich samen. Zo kan de urine je lichaam verlaten. 

Als deze samenwerking tussen blaas, sluitspieren en zenuwen verstoord raakt, kan er urine weglekken en ontstaat urine-incontinentie.
 


Wat zijn de oorzaken van urine-incontinentie? 

Urine-incontinentie kan verschillende oorzaken hebben. Soms is er één duidelijke aanleiding, maar vaak spelen meerdere factoren tegelijk een rol. Hieronder vind je de belangrijkste groepen oorzaken. 

Klap de oorzaken open voor meer informatie

Verzwakte bekkenbodemspieren

Een verslapping van de bekkenbodemspieren komt vaak voor en kan meerdere oorzaken hebben, zoals een bevalling, een te hoog lichaamsgewicht, hormonale veranderingen tijdens en na de overgang of gynaecologische operaties. 

Wanneer de bekkenbodemspieren niet goed aanspannen, sluit de blaas niet meer optimaal af. Bij drukverhoging in de buik – bijvoorbeeld bij hoesten, niezen, tillen, bukken of sporten – kan er dan urineverlies optreden.

Neurologische aandoeningen

De zenuwen sturen de spieren van je bekkenbodem, blaas en sluitspieren aan. Door de samenwerking van deze spieren kun je normaal je urine ophouden. 

Als zenuwen zijn aangetast, werken deze spieren minder goed en kan urine-incontinentie ontstaan. Dit kan het gevolg zijn van bijvoorbeeld vaatafwijkingen, een rughernia, aangeboren afwijkingen of een dwarslaesie. Vaak komt de urine dan al vóórdat de blaas vol is, en zonder dat je vooraf aandrang voelt. 

Bij bepaalde aandoeningen, zoals MS, de ziekte van Parkinson of na een herseninfarct of hersenbloeding, wordt het signaal vanuit de hersenen niet (goed) doorgegeven. Daardoor kun je minder goed voelen dat je moet plassen of het niet goed meer uitstellen.

Operatieve ingrepen in de onderbuik

Ook operaties in de onderbuik kunnen een rol spelen bij het ontstaan van urineverlies. Bij urologische of gynaecologische operaties, of andere ingrepen in de onderbuik, kunnen zenuwen of steunweefsels beschadigd raken. Dit kan ertoe leiden dat de blaas en sluitspieren minder goed samenwerken. 

Ook na het (gedeeltelijk of volledig) verwijderen van de baarmoeder kan soms incontinentie ontstaan.

Medicijngebruik

Bepaalde medicijnen kunnen urine-incontinentie veroorzaken of bestaande klachten verergeren. 

• Plastabletten (diuretica) zorgen ervoor dat je in korte tijd meer urine aanmaakt. 
• Kalmerende middelen kunnen ervoor zorgen dat je de aandrang minder goed opmerkt of te laat reageert. 
• Ook sommige antidepressiva kunnen als bijwerking urineverlies geven. 

Merk je dat je meer last krijgt sinds je een bepaald medicijn gebruikt? Bespreek dit dan altijd met je arts; stop nooit op eigen initiatief.

Vergrote prostaat (bij mannen)

Bij mannen kan een vergrote prostaat een belangrijke oorzaak van urineverlies zijn. De prostaat kan de plasbuis gedeeltelijk dichtdrukken, waardoor je de blaas niet goed kunt leegplassen. 

Er blijft dan urine in de blaas achter. Na verloop van tijd kan de blaas overrekt raken en zo vol worden dat deze gaat “overlopen”: je verliest dan ongewild urine.

Een te kleine blaascapaciteit en overactieve blaas

Soms is de blaascapaciteit kleiner geworden, bijvoorbeeld door een eerdere bestraling in de onderbuik of door terugkerende urineweginfecties. Je hebt dan vaak veelvuldige aandrang om te plassen. Dit kan leiden tot een overactieve blaas. 

Bij een overactieve blaas trekt de blaasspier ongewild samen bij relatief kleine prikkels. De druk in de blaas wordt dan zo hoog dat het afsluitmechanisme het niet meer kan tegenhouden, met urineverlies als gevolg. 

Een blaasontsteking is de bekendste oorzaak van een overactieve blaas. Andere mogelijke oorzaken zijn onder andere: blaaspijnsyndroom (interstitiële cystitis), bestraling van het bekken, blaastumoren, blaasstenen en bepaalde neurologische aandoeningen. 

Belangrijk om te weten 

Urine-incontinentie is vervelend, maar je bent zeker niet de enige. Er is vaak meer mogelijk dan je denkt, variërend van oefeningen en leefstijladviezen tot hulpmiddelen en medische behandelingen. 


Heb je last van ongewild urineverlies? Bespreek je klachten dan altijd met je huisarts of zorgverlener. Zij kunnen onderzoeken wat bij jou de oorzaak is en welke behandeling het beste past.